U bevindt zich hier: Oranje / Topsport » Basketball Academies

NBB Basketball Academies: werken aan talent

De Nederlandse Basketball Bond heeft Groningen, Zwolle, Amsterdam, Rotterdam en Weert aangewezen als de vijf plaatsen met een Basketball Academy, die een officiële door NOC*NSF ondersteunde accreditatie kunnen krijgen. Door de concentratie van kennis, middelen en talent op deze vijf plaatsen wil de Nederlandse Basketball Bond de ontwikkeling van basketballtalent in Nederland op een niveau brengen om internationaal succesvol te kunnen zijn.

Waarom wordt het aantal Academies met een officiële status teruggebracht?
De Nederlandse Basketball Bond is tot het inzicht gekomen dat het rendement van de talentontwikkeling te laag is. Om de ambitie - aansluiting vinden bij de internationale top - te realiseren, moet Nederland het beter gaan doen dan de landen die het voorbij wil op de wereldranglijst. Daarbij kan geen concessie  worden gedaan  aan kwaliteit en moet het beste dat basketballend Nederland bij elkaar kan brengen, worden samengevoegd. Dat beleid is ook vastgelegd in het Meerjarenbeleidsplan. De instelling van een CTO-programma aan de mannenkant komt ook uit dat plan voort. De regionale organisatie van de talentontwikkeling moet daar op aansluiten. Er is op basis van de geografische ligging, rekening houdend met de basketballdemografie, kwaliteit, duurzaamheid en leiderschap, een keuze gemaakt voor een vijftal Academies, die door effectief samen te werken door moeten groeien om internationaal het verschil te kunnen gaan maken. Sportkoepel NOC*NSF ondersteunt deze visie.

Waarom is dit belangrijk voor het Nederlandse basketball?
De NBB wil de kwaliteit van de talentontwkkeling in Nederland omhoog brengen. Alleen dan kan internationaal succes worden geboekt. Door de concentratie van kennis, middelen en vooral de talenten worden de juiste voorwaarden daarvoor geschapen. Door de beste talenten samen te laten trainen op dezelfde plek onder leiding van de beste trainers, omringd door de beste faciliteiten kan het Nederlandse basketball aansluiting vinden bij de internationale top.

Welke Academies krijgen de status/accreditatie?
Na een uitgebreide rondgang langs én gespreken met alle betrokken Academies en basketballopleidingen in het land is de keuze gevallen op Groningen, Zwolle, Amsterdam, Rotterdam en Weert. Dat betekent dat Utrecht, Nijmegen, Almelo, Den Bosch en Leiden geen speciale status krijgen, maar wel door kunnen gaan met het opleiden van talent. De NBB heeft grote waardering voor de initiatieven die de afgelopen jaren tot stand zijn gekomen in het basketball om kwalitatief goede jeugdopleidingen te realiseren. Allemaal genomen en uitgevoerd door mensen met het basketballhart op de juiste plaats, met als doel onze sport in Nederland naar grotere hoogten te stuwen. Het is dan ook de wens van de NBB om die initiatieven overeind te houden en daar via de geaccrediteerde Academies ondersteuning aan te geven. De definitieve accreditatie wordt aan een Academy toegekend onder het voorbehoud dat er overeenstemming wordt bereikt over de invulling van de regiofunctie, het accepteren daarvan en het bieden van transparantie.

Wat houdt die status in?
De NBB zal de regie moeten gaan voeren in samenwerking met de Academies. Er zal een High Performance Team worden gevormd vanuit de NBB, die met de geaccrediteerde Academies samen de kwaliteit gaat bewaken. Een van de opdrachten voor dat HPT is de juiste profielen aanleveren waar een talent aan moet voldoen. Daarnaast zal de NBB de kennis, het netwerk en (op termijn) middelen ter beschikking stellen. Belangrijk is de kwaliteitscontrole. Aan de hand van rendementsdoelstellingen zal nauwlettend worden gekeken hoeveel talenten een Academy aflevert en zal daar op worden afgerekend.

Hoe is het proces gegaan?
De afgelopen jaren zijn er op tal van plaatsen initiatieven ontstaan om basketballtalenten in de betreffende regio op te leiden. Nu is volgens de bond en NOC*NSF het moment aangebroken om tot een concentratie te komen. Bij sportkoepel NOC*NSF, die basketballtalenten een officiele status toekent, waardoor ze op scholen met een LOOT (topsport)-status training en school optimaal kunnen combineren, bestond al langer de wens om tot clustering van het aantal bestaande Academies te komen. Om de kwaliteit van de opleiding te waarborgen, moeten de beste talenten samen trainen.
De commissie die al bezig was met de oprichting van een CTO-programma aan de mannenkant, is door de NBB gevraagd een actieve rol te spelen bij dit proces. Die commissie bestond uit Bert Kragtwijk (Stichting Nederlands Mannen Team), Bert Panman (Stichting Nederlands Mannen Team), Jelle Witvoet (NBB Bestuurslid) en Krijn de Schutter (Technisch Directeur NBB).
De NBB heeft aanvankelijk zoveel mogelijk initiatieven gestimuleerd. Iedereen die ideeën had over talentontwikkeling is verteld welke faciliteiten er geboden konden worden. De bond heeft zich daar in eerste instantie inhoudelijk bewust niet al te veel tegenaan bemoeid. Alle initiatiefnemers hebben alle gelegenheid gekregen hun ideeën uit te werken en aan de praktijk te toetsen.
In een redelijk vroeg stadium heeft de NBB aan de Academies laten weten dat er veranderingen op til waren en dat de voorlopig verleende statussen geen garantie voor de toekomst boden. Een auditcommissie is bij alle Academies langs geweest om te kijken hoe daar talentontwikkeling concreet wordt ingevuld en welke resultaten daarmee tot nu toe zijn geboekt. Die commissie heeft aan het NBB-bestuur gerapporteerd. Op basis daarvan heeft het bestuur, gesteund door vertegenwoordigers van de Stichting Nederlands Mannen Team een eerste selectie gemaakt, op basis van geografische ligging en basketballdemografie.
Omdat in twee situaties het verschil tussen de twee daar aanwezige Academies heel klein bleek, zijn die Academies in de gelegenheid gesteld zich nog een keer apart van elkaar te presenteren, om een keuze te kunnen maken voor de Academy die het beste aansluit bij wat de bond voorstaat met talentontwikkeling.

Wat betekent dit allemaal voor het talent zelf?
De NBB wil het talent helpen bij het verwezenlijken van zijn ambitie om internationaal succesvol te worden als basketballer. Daartoe wordt een zo optimaal mogelijke omgeving aangeboden. Een talent maakt pas de stap als hij (of zij) daar aan toe is. Regionale spreiding zorgt ervoor dat het talent naar een kwalitatief hoogwaardige plek kan terwijl hij (of zij) nog thuiswoont. Pas bij de stap naar een CTO wordt van het talent verhuizing naar Amsterdam verlangd. De gekozen regionale spreiding zorgt ervoor dat een talent altijd op een acceptabele rijafstand (maximaal een uur) van zijn woonplaats een Academy en de daaraan gekoppelde school met een LOOT-status vindt. Het talent wordt als individueel talent gekwalificeerd. De trainingen zijn gericht op de ontwikkeling van het individu op de lange termijn.

En dat CTO-plan? Hoe zit het daar mee?
Er zal in mei een voorstel worden ingediend bij NOC*NSF om in Amsterdam, een van de vijf plaatsen met een geaccrediteerde Academy, een talentenprogramma te starten, ondersteund door NOC*NSF, en in samenwerking met het Centrum voor Topsport en Onderwijs Amsterdam. De defintieve toekenning zal hopelijk in juni gebeuren. Dit betekent dat in 2017 een begin zal worden gemaakt met het CTO, maar dat pas in september 2018 over wordt gegaan op een fulltime trainingsprogramma. De start in 2017 staat volledig in het teken van een optimale voorbereiding op 2018.

NBB video

 

  -  

Meer »

Evenementen kalender

Bekijk foto's

De NBB is lidorganisatie van:

FIBA IWBF NOC*NSF